Een loggerzeil (Synoniem: emmerzeil) is een trapeziumvormig zeil waarvan de ra op ongeveer 1/3 van de lengte vrij aan de mast hangt. Het is een doorontwikkelde variant van het klassieke vierkante tuig. Het grote verschil is de manier waarop het vrijhangende dwarshout (ra) gehesen wordt. In feite is het langsgetuigd dat het meest lijkt op een grote fok met de punt er af. Een logger (Eng. Lugger, Fr. Lougre) is dus een zeilboot, aangedreven met dat soort zeilen.

Loggers zijn in Zuid en Oost Engeland en in aan de Franse kust in het verleden veel gebruikt, meestal als visserschepen en of kleine werkschepen zoals reddingsboten en loodssloepen (pilot gigs). Ook zijn loggers wegens hun goede prestaties, met name ruime wind, lange tijd ingezet in wedstrijden.
Cornish Luggers
Lougre (Fr)
Type tuigage Kenmerk Eigenschappen
Dompende Logger (Eng. Dipping Lug) Halshoek staat ruim voor de mast, soms zelfs te loevert. Logger (Ra) wordt met een val gehesen die vaak tevens als bakstag dienst doet. Geen Giek. Neerhaler zit aan de halshoek. Snel krachtig tuig. Aan de windse eigenschappen redelijk. Opkruisen geschiedt door bij overstaggaan het zeil in de wind te laten zakken (dompen) de ra en de halshoek achter de mast langs te brengen en aan de (toekomstige) leizijde weer vast te zetten. De val wordt na het hijsen aan de loefzijde weer belegd. Dit was veelal zwaar werk dat een flinke bemanning vereist.
Staande Logger (Eng. Standing Lug) Halshoek staat tegen de mast, soms aan een zijde van de mast. Traditioneel met een vrij onderlijk, soms met giek. Neerhaler zit aan halshoek van het zeil. Moderne versies zijn voorzien van doorgelatte zeilen en een hoge spanning op het voorlijk waardoor de ra stijl omhoog steekt. Het emmertuig is een variant van dit zeil.

Bij tweemasters is de bezaan meestal een staand loggerzeil terwijl de grote mast staand of dompend is.
Staande loggers zijn minder lastig bij het opkruisen. Over de ene boeg ze hoeven niet gedompt te worden bij het overstaggaan maar staan over slechts een boeg optimaal. Bij moderne versies met kunsttof, doorgelatte zeilen is het verschil met name waarneembaar in de hoogte die men kan lopen.
Bij een tweemast tuigage wordt tijdens het overstaggaan de bezaan hard doorgezet tot de boot in de wind licht. vervolgens worden beide zeilen losgegooid, tot de nieuwe koers word bereikt. Dan wordt eerst het voorzeil en vervolgens de bezaan aangetrokken. Dit is om te voorkomen dat de bezaan de boot īn de wind houdt.
Gebalanceerde Logger (Eng. Balanced Lug) Logger en giek steken voor de mast uit. Neerhaler zit aan de giek op ongeveer 1/7 van de voorzijde. Eenvoudig te zeilen en te tuigen, echter heeft ook een optimale en een minder optimale boeg. Door de neerhaler te gebruiken wel zeer goed te trimmen.
In Nederland zijn zeilschepen met logger tuig relatief kort populair geweest in de haringvisserij met de vleet. Aaan het einde van de 19e eeuw. Er zijn nog enkele Nederlandse zeilloggers, zoals de "Gallant", die overigens geen logger tuigage meer voert. De naam "logger" is in gebruik gebleven, ook voor gemotoriseerde schepen in de haringvisserij.
Piet Spaans,  heeft in een serie artikelen "
De Boulogne-logger van Maas: een succesformule (1t/m4)"
beschreven hoe de in Rotterdam geboren, Scheveninger  reder A.E. Maas als een van de eerste, Franse Loggers naar Nederland haalde om de toen meest gebruikte bomschuiten in de haringvangst te vervangen.
French luggers, Lithography by Walter May
Uit "The wing and wing" van James Fenimore Cooper:

....
Toward the close of a fine day in the month of August, a light, fairy-like craft was fanning her way before a gentle westerly air into what is called the Canal of Piombino, steering easterly. The rigs of the Mediterranean are proverbial for their picturesque beauty and quaintness, embracing the xebeque, the felucca, the polacre, and the bombarda, or ketch; all unknown, or nearly so, to our own seas; and occasionally the lugger.
The latter, a species of craft, however, much less common in the waters of Italy than in the Bay of Biscay and the British Channel, was the construction of the vessel in question; a circumstance that the mariners who eyed her from the shores of Elba deemed indicative of mischief. A three-masted lugger, that spread a wide breadth of canvas, with a low, dark hull, relieved by a single and almost imperceptible line of red beneath her channels, and a waist so deep that nothing was visible above it but the hat of some mariner taller than common, was considered a suspicious vessel; and not even a fisherman would have ventured out within reach of a shot, so long as her character was unknown. Privateers, or corsairs, as it was the fashion to term them (and the name, with even its English signification, was often merited by their acts), not unfrequently glided down that coast; and it was sometimes dangerous for those who belonged to friendly nations to meet them, in moments when the plunder that a relic of barbarism still legalizes had failed.....
Er zijn grofweg drie basistypes loggerzeilen (zie tabel) en vele varianten. Logger zeilen worden ook gecombineerd met andere (meestal klassieke) zeiltypen, zoals spriet zeilen, top zeilen, maar soms ook stagzeilen (fok / genua). 
Longboat Vitalite met twee dipping lugs en een standing Lug bezaan
Voorbeeld van schetsen van de Cornish Pilot Gig "Mabel" gebouwd in 1861 op St Michaels Mount. Met een diipping lug grootzeil en een sprietgetuigde druil
Voorbeeld van schetsen van de Cornish Pilot Gig "Mabel" gebouwd in 1861 op St Michaels Mount. Met een diipping lug grootzeil en een sprietgetuigde druil
Longboats  (zie hierboven) waren snelle roeiboten die ook met loggerzeilen gebruikt werden aan de kust en aan boord van marineschepen om mensen van en naar het schip te varen en de kust te verkennen.

Zowel de Longboats als de Pilot Gigs waren rank en licht. Het waren bijzonder snelle zeilers op ruime rakken. snelheden tusen de 12 en 15 knopen zijn gedocumenteerd.

Gezien het feit dat er niet veel driftbeperksmiddelen onder water staken zullen ze aan de wind echter niet veel gepresteerd hebben. Vermoedelijk werden ze dan geroeid.